Wie weigert van de Islam te demoniseren zoals vandaag de dag meestal gebeurt, kan de spirituele waarde ervan zonder problemen ontdekken. Wie bijvoorbeeld heel eenvoudig even de tijd neemt om de Koran te lezen, kan al gauw tot de vaststelling komen dat de kernboodschappen van de Islam niet degenen zijn waarop bepaalde hedendaagse debatten zich blind staren.
Toegegeven, de Koran is niet makkelijk, maar dat geldt voor elk heilig boek. Ook in de Koran zal men dus niet ver geraken indien men het boek leest met een vooringenomen geest. Leest men het boek echter vanuit een open spirituele instelling, dan vindt men bijvoorbeeld één van de meest lieflijke morele principes op elke bladzijde van de Koran terug. Ikzelf noem dat principe 'een soberheid van moraal'.
In menige sura maakt de Koran duidelijk dat het morele leven van een spiritueel persoon niet vanuit grote en complexe stelregels of hoogdravende principes vertrekt maar wel vanuit morele evidenties: 'steel niet', 'lieg niet', 'bedrieg niet', enz. – principes die iedereen wel kent. De morele oproep die in de Koran besloten ligt, kan daardoor heel eenvoudig worden samengevat: “Wees gewoon een goed mens”.
Op zich worden niet veel woorden vuil gemaakt aan deze morele oproep, althans niet op een expliciete manier, maar het zindert door in alle Koranverzen en ondersteunt de vele gedachten die wel expliciet in de verschillende sura's worden uitgewerkt. De morele regels waaraan een mens zich moet houden worden in de Koran dan ook meer 'verondersteld' dan verduidelijkt. Het heilige boek vertrekt van de gedachte dat die regels evident zijn en geen verdere uitleg behoeven omdat alle profeten ons reeds duizenden jaren aan dezelfde regels hebben herinnerd en omdat iedereen diep vanbinnen weet dat ze correct zijn. In de Koran lijkt het dan ook niet nodig van ze nog eens te herhalen.
Wat wel nodig lijkt is van gelovigen aan te sporen die profeten gewoon te volgen en de regels niet meer te overtreden. “Al bij al is het duidelijk wat je wel en niet mag doen. Hou je daar nu gewoon eens aan.” lijkt de Koran te zeggen. De evidente waarheid die daarmee verwoordt wordt in het heilige boek, de soberheid van moraal die daarmee wordt aangegeven, staat natuurlijk haaks op het hedendaagse idee dat we steeds moeten bijleren, steeds verder moeten zoeken en steeds meer moeten lezen om te weten hoe we 'goed' kunnen leven want eigenlijk, zo stelt de Koran, weten we het al meer dan twee duizend jaar en moeten we daar echt niet al te moeilijk over doen.
Indien we er wel moeilijk over doen, wil dat eigenlijk zeggen dat we de morele regels die alle profeten en wijzen keer op keer hebben aangebracht op de één of andere reden niet kunnen of willen volgen. Een eindeloze zoektocht naar nieuwigheden zal onze vraag naar ethische principes niet oplossen en ons geen bevredigend antwoord schenken, want het probleem zit niet in de kennis, het zit in ons onvermogen de evidente regels toe te passen of er ons aan te houden.
Zo doorprikt een 'soberheid van moraal' de extreem opgeblazen ballon van de huidige levenswijze van heel wat mensen. Alle grote woorden en ideeën en alle ethische debatten ten spijt, uiteindelijk is het leven voor het overgrote merendeel van de tijd niet zo moeilijk. Zo nu en dan is er misschien wel eens een prangend dilemma dat meer aandacht, overleg en discussie vraagt, maar in de dagdagelijksheid van ons bestaan, is het leven moreel gesproken meestal wel duidelijk: wees gewoon een goed mens, wees een beetje deftig en doe geen dingen waarvan je best wel weet dat ze fout zijn.
Deze tekst is een passage uit mijn boek “Ego-afbraak. De weg van profeten en wijzen.” Klik hier voor meer uitleg.