Binnen sommige spirituele kringen is het ondertussen schering en inslag te denken dat men in het Oosten meer spiritualiteit aantreft dan in het Westen. Daar is echter maar weinig van aan. Spiritualiteit is in elke samenleving even gemakkelijk of moeilijk te vinden.
Het is niet omdat men op elke hoek van de straat in India beeltenissen van goden kan zien of omdat de koeien er vrij rondlopen dat werkelijke spiritualiteit er intenser aanwezig zou zijn dan in het westen.
In India lopen er weliswaar guru's in alle soorten en formaten, maar dat wil niet zeggen dat het gros van die guru's ook werkelijk een diepgaande spiritualiteit verkondigt of beleeft. Of het nu gaat om een kleine uitgemergelde guru (die mensen uit de wijk voorziet van een zondags 'spreek-uurtje' in een grot van een vergeten bedevaartplaats) of het gaat om een guru met een uitgekiend Jezus-uiterlijk (die met behulp van een goed ontwikkeld PR-secretariaat zoveel mogelijk celebrities tracht aan te trekken naar zijn post-moderne ashram), hun verlichtheid is zeker niet vanzelfsprekend. In tegendeel.
Om dieper in de Oosterse spiritualiteit door te dringen moet men heel wat lagen afkrabben van verdraaide traditie en opzichtige charlatanerie. Bovendien moet men het ontdoen van van de Westerse commercialisering van spiritualiteit, die zich ondertussen ook in het Oosten danig heeft ingeburgerd.
Uiteraard bestaan er nog steeds meer dan genoeg ashrams waar een werkelijke Hindoe-spiritualiteit wordt beleefd, maar aan de andere kant kan men de geestelijke kracht die ze in zich dragen evengoed aantreffen in, pakweg, een trappistenklooster in Vlaanderen.
Er zijn echter weinig westerlingen die de moeite doen om voor een korte tijd in een trappistenklooster te verblijven en er zich werkelijk te laten vullen door de daar aanwezige spiritualiteit. Men koopt liever gemakkelijke boeken over één of ander esoterisch onderwerp dat zogezegd een geheimzinnige kennis belooft. Al evenmin verplaatsen Indiërs (of Westerse zin-zoekers in India) zich tot in de ashrams van een echte spirituele meesters zoals bijvoorbeeld Vinoba, de spirituele opvolger van Mahatma Gandhi. Ze laten zich liever leiden door de glitter en glamour van een snelle weg naar verlichting, hen aangeboden door de nieuwe trendy export-guru die door journalistieke connecties zijn 'goddelijke' glimlach zo breed mogelijk op TV weet te etaleren.
Wat is nu het nut van deze overwegingen? Wens ik Oosterse guru's in een slecht daglicht te plaatsen? Zeker niet. Mijn respect voor sommigen onder hen is bijzonder groot. Ik wil hier enkel wijzen op een dubbele raad, die elke spirituele zoeker best in zijn achterhoofd moet houden: wie het te snel zoekt, zal bedrogen worden, wie het te ver zoekt, bedriegt zichzelf.
Laat je niets aansmeren omdat het wat glittert van spirituele beloftes, maar denk ook niet dat het ergens onvindbaar is. Wie zoekt die vindt. In elke maatschappij, in elke religie, in elk werelddeel. Je moet misschien wat moeite doen om er vastgeroeste gewoontes, loze beloftes en oneerlijke commerce van af te weken, maar diepe spiritualiteit kan je overal ontdekken.